Wijnbegrippen: de K:
K
Kalk: bodem waarin wortels diep tussen de spleten moeten gaan om hun water te zoeken, de meeste grote witte wijnen komen van bodems met veel kalk. Vaak in combinatie met klei.
Kamille: (Matricaria chamomilla) tempert de invloed van klimaatexcessen (warmte, kou, regen en droogte). Als valeriaan voor de bloei is gebruikt, dan kan kamille na de bloei weer koelte geven.
Karafferen: decanteren (overschenken in een karaf), van oudsher gebruikt bij oude wijnen en vintage ports om deze van hun bezinksel te scheiden. Maar veel meer aan te bevelen bij jonge witte wijnen waarbij eventuele reductie aroma’s, te wijten aan een zuurstofarme opvoeding (roestvrijstaal… maar ook soms door een modernklassieke opvoeding op de lie) verdwijnen door de toevoeging van zuurstof. Ook jeugdige krachtige rode wijnen kunnen vaak wat extra lucht gebruiken, aangezien deze de tannines verzacht. Vaker karafferen dus! Overigens: de fles een paar uur van te voren ontkurken (en verder niets doen), is achterhaald, het heeft geen enkel effect.
Kiezel: ‘lichte’ goed gedraineerde grondsoort, die vaak leidt tot elegante, fijne wijnen. Grote kiezels, zoals de beroemde keien (galets) in Châteauneuf-du-Pape, kunnen ook zonnewarmte vasthouden en die ’s nachts weer uitstralen wat daarbij voor veel natuurlijke rijkdom (suiker) zorgt.
Kiezelpreparaat 501: Vermalen bergkristal wordt met water tot een pasta vermengd waarmee een koehoorn wordt gevuld. Deze wordt in de zomer in een vruchtbare bodem ingegraven en rond kerst weer opgegraven. Het kiezelmengsel wordt in de zon gedroogd. Eenmaal klaar wordt het in glazen potten in het licht bewaard. Het kiezelpreparaat werkt op het bovengrondse gedeelte van de plant, stimuleert de fotosynthese, beschermt tegen schimmelziektes, insectenplagen en verbetert de bewaarbaarheid na de oogst. Het middel moet ’s morgens vroeg op het land worden gespoten. Wanneer het in de lente wordt gebruikt stimuleert het opwaartse groei en voorplanting, dit laatste door een gunstige invloed op zowel celdeling als vruchtzetting.
Klaren: het toedienen van bepaalde substantie (bentoniet, opgeklopt eiwit, vislijm) die ‘zwevende’ deeltjes naar de bodem doen zakken. Waarna het bezinksel middels het oversteken en/of filteren wordt verwijderd. Sinds kort is het klaren met organische producten verboden.
Klassieke landbouw: Kunstmest, insecticiden en herbiciden toegestaan…
Kleur: zegt meestal alleen iets als je verschillende wijnen van een bepaald type of herkomst vergelijkt. De mooiste en duurste bourgogne (pinot noir) zal het in kleur afleggen tegen een beetje bandol (mourvèdre) of noordelijke rhône (syrah)…. De ene druif is de ander niet.
Klonen: exacte kopieën van een soort wijnstok, welke vaak gekweekt is op een bepaalde eigenschap (productiviteit, suikergehalte, kleur), een kleine ramp voor de originaliteit van en diversiteit in de wijngaard.
Koehoornpreparaten: Deze preparaten nemen een belangrijke plaats in de biologisch-dynamische landbouw in. Een kleine hoeveelheid koemest of kiezel rijpt in een koehoorn. Dit wordt in homeopathische hoeveelheid over het land gestrooid. Het vervangt de bovengenoemde compost niet, maar dient als aanvulling.
Zie ook kiezelpreparaat en koemestpreparaat
Koemestpreparaat 500: Het 500 preparaat wordt gemaakt door koehoorn te vullen met koemest en in een vruchtbaar terrein in te graven. Het rijpt van september tot de lente onder de grond en daarna verder in een donkere ruimte. Het preparaat wordt in een homeopathische dosis over de aarde verspreid: 1-4 koehoorns vol, oftewel 120-240, gram per hectare. Het heeft een gunstige invloed op de bodemstructuur en humusgehalte doordat het wormen, bacteriën en gunstige schimmels aantrekt waardoor voedingsstoffen en mineralen uit de bodem opneembaar gemaakt worden. Het geeft energie en vitaliteit aan de wortels waardoor deze dieper de bodem ingaan en de wijnstok zijn identiteit ontwikkelt.
Kopersulfaat: Koper wordt gebruikt ter bestrijding van schimmel en rot (peronospera of valse meeldauw) en verdikt de schil. In combinatie met kalk is het bekend als Bordeauxse pap . Dit wordt traditioneel gebruikt tegen peronospera of mildiou. Koper wordt in de bodem niet afgebroken en bindt zich aan organisch materiaal. Zowel de conventionele als de biologische wijnbouw maken gebruik van het middel. Door de Europese unie is het gebruik van koper gelimiteerd tot 18 kilo per drie jaar.
Geplaatst onder: Wijnbegrippen alfabet op 22 maart 2009
Laat een reactie achter
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.